Selecteer een pagina

Het heeft iets passends dat de Gouden Koets, die al jaren omstreden is vanwege een koloniale beschildering, het pronkstuk wordt van een museumtentoonstelling. Na vijf jaar schitteren in afwezigheid staat de koets vanaf 18 juni te glimmen in een glazen behuizing op de binnenplaats van het Amsterdam Museum. De koets keert daarmee terug naar de stad die hem in 1898 aan de 18-jarige koningin Wilhelmina schonk.

De reden van die afwezigheid was een langdurige restauratie. Niet omdat er in 2010 tijdens de toer op Prinsjesdag in Den Haag met een waxinelichthouder tegenaan was gegooid. En ook niet omdat iemand tijdens het huwelijk van Willem-Alexander en Máxima in Amsterdam in 2002 er een verfbom naar gooide. Nee, na bijna 125 jaar trouwe dienst was het rijtuig toe aan een grondige opknapbeurt.

Het museum grijpt de komst van de gerenoveerde koets aan om een actueel debat over het altijd al omstreden pracht-en-praal-rijtuig van de Oranjes in gang te zetten. Zo kunnen bezoekers van de expositie hun mening geven of de koets weer de straat op kan of een museumstuk moet worden. In de expositiezalen rondom de koer worden alle historische verhalen die aan het rijtuig kleven, ook de controversiële schildering met daarop een uiting van het  koloniale verleden, uit de doeken gedaan.